Onzichtbaar kijken

Vroeger fantaseerde ik soms dat ik onzichtbaar was. Vroeger is in dit geval nog niet zo heel lang geleden, een jaar of tien ongeveer. Niet alleen was ik onzichtbaar, ik was ook niet stoffelijk. Dankzij die eigenschappen was het mogelijk me te verplaatsen zonder last te hebben van allerlei menselijke belemmeringen, zoals bijvoorbeeld gesloten deuren en ramen.
Zwevend, tenminste, dat stelde ik me voor bij onstoffelijkheid, dwaalde ik door een huis. Op mijn gemak bekeek ik kastinhoud en kledingcollectie, fotolijstjes met kiekjes van vrienden of familie. Mijn fantasie bediende me soms zo overtuigend dat ik me niet kon voorstellen het huis in kwestie nooit eerder te hebben gezien.
De lol verdween toen er mensen in beeld begonnen te komen. Mijn fantasie liet ze dingen doen die mensen nu eenmaal doen wanneer ze zich onbespied wanen. Gegeneerd keek ik dan weg. Er zijn nu eenmaal dingen die je van anderen liever niet ziet. Dat zijn dezelfde dingen waarvan de bekekene ook liever niet heeft dat ze gezien worden. Op dat moment wordt fantasie voyeurisme.
In de krant las ik over een Amerikaanse militair die vliegt in gebieden waar oorlog heerst. Dat wil zeggen; zijn gevechtsvliegtuig vliegt daar. Onbemand. De militair gaat iedere dag naar een bunker in zijn Amerikaanse woonplaats waar hij zijn collega vliegenier afwisselt die achter een computerscherm zit. Onzichtbaar en onstoffelijk beveelt hij vervolgens zijn toestel in het oorlogsgebied om bommen los te laten op vijandelijke doelen.
In het krantenartikel klaagde de militair over de grote omschakeling tussen zijn werk en de dagelijkse werkelijkheid. Soms haalde hij direct na het opblazen van een doelwit zijn kinderen van school. Dat vond hij dan wat verwarrend. Omdat er geen bloed aan zijn handen kleefde, geen zweetvlekken op zijn shirt zaten, was het lastig in te schatten of de explosie 11000 kilometer verderop werkelijk gebeurd was, of dat die zich alleen in zijn hoofd had afgespeeld.
Hij verbaasde zich over die twijfel. Soms verbaas ik me over andermans verbazing.