Perspectief

‘Het leven is een kwestie van perspectief.’ Ik hoorde de uitspraak in de trein. Omdat ik een pen in mijn hand hield, schreef ik de zin op. Terwijl het landschap als een kleurige streep naast mij voorbij trok, probeerde ik er over na te denken, de betekenis te doorgronden. Het was moeilijk; de zinzegger ging verder met zijn monoloog waardoor ik steeds afgeleid werd. Pas toen het woordelijk stil werd dankzij het eten van iets dat krakend uit een zakje kwam, kon ik mijn eigen perspectief bezien. Ik zat achter de spreker, onzichtbaar. Zijn woorden kwamen tot mij tegen wil en dank. ‘Sommige perspectieven overkomen je,’ schreef ik onder de eerste zin, ‘dat is geen vrije keuze.’
Laatst las ik het verhaal van een rolstoelster. Wat haar het meest hinderde aan haar beperking was het opgelegde gezichtspunt. Een heel laag perspectief zou je kunnen zeggen. De vrouw klaagde naast onvrijwillige onzichtbaarheid over gedwongen voyeurisme. Niet alleen keek ze voortdurend tegen kruisen en konten aan, ze stond ook doorlopend bloot aan ongewenste onderbuik-geluiden en de daarmee samenhangende geuren. Omdat het onontkoombaar was, moest ze er het beste van zien te maken. Ze probeerde er iets van te leren. Zo kwam ze tot het inzicht dat de ver boven haar gevoerde gesprekken in verband stonden met de mate van darmactiviteit. ‘Naarmate de gesprekken heftiger en emotioneler worden, neemt beneden het darmgerommel toe.’ In pak gehulde heren die strategieën bespreken om de collega een toon lager te laten zingen, vrouwen die tussen de gedeelde sores elkaar fijntjes de maat nemen; hoe schijnbaar zelfverzekerd ze de ruimte ook verlaten, hun achtergebleven geur verraadt het ongemak.
Een hondenkenner stelde dat het hebben van overwicht op een dier niet moeilijk is: de mens is immers altijd groter. Daarmee verwerft hij macht. De hondenkenner zou het artikel van de rolstoelster moeten lezen, het zou zijn wereldbeeld ondersteboven gooien. Wanneer kennis macht is, dan kunnen laag bij de grond verblijvende wezens superieur zijn aan hun hoger levende soortgenoten. Kijk dus altijd eerst naar beneden wanneer je niet als ‘alsof-doener’ ontmaskerd wilt worden.